Verhaal
Wetenschap verandert van gedaante
'Door nieuwe meetinstrumenten en doordat internet nieuwe vormen van registratie van gedrag mogelijk maakt, verdrinken veel wetenschappelijke disciplines in data. De hoop is dat we door die data meer kennis verkrijgen. De gedachte dat meer informatie vanzelfsprekend tot meer kennis leidt, is hardnekkig, maar onjuist.

6a5ad9ba-eb95-4bb0-ad7e-c796e14ea090_paulwouters_150.jpg -
Illustratie: VN
Massa's gegevens kunnen ons ook het zicht op de kern van de zaak ontnemen. Eén ding is wel zeker: door al die data zullen fundamentele veranderingen optreden in de manier waarop wetenschap werkt. Het stellen van intelligente vragen om tot relevante antwoorden uit de brij van gegevens te komen, wordt cruciaal. Er zijn mensen die denken dat het belang van theorieën door al die data zal verdwijnen, ik denk dat het tegendeel waar is. Sommige typen theorie zullen wellicht verdwijnen, maar gegevens zonder interpretatie zeggen niets.
De rol van het vertellen van verhalen om betekenis te geven aan onderzoeksresultaten zal ook in de natuurwetenschappen sterk toenemen. Traditioneel behoort de productie van betekenis tot de kerntaken van de geesteswetenschappen, zoals filosofie en geschiedenis. De klassieke betekenisvragen als 'wat is de mens?' of 'hoe dienen we te leven?' kunnen nu al niet meer zonder interactie met natuurwetenschap en techniek worden beantwoord: wij mensen zijn onder invloed van die wetenschap en techniek al te veel veranderd. Maar ik verwacht ook het omgekeerde: verhalen gebaseerd op motieven uit de geesteswetenschap zullen sociale en natuurwetenschappers helpen hun data beter te interpreteren. Uiteindelijk is elke theorie gebaseerd op een metafoor. Er is hierdoor een sterke behoefte aan interdisciplinair onderwijs, niet als vage tussenweg, maar als concrete combinatie van harde en zachte wetenschap.
Het inzetten van nieuwe media zal ook belangrijker worden. Dat gaat vooral om het veel fundamenteler nadenken over alternatieve vormen van wetenschapscommunicatie. Het publiceren van formele tijdschriftartikelen is overigens vaak meer een vorm van een cv opbouwen dan van werkelijk communiceren. Dat moet beter kunnen. Ik voorzie in de toekomst veel meer verschillende geaccepteerde vormen van publiceren: van het uploaden van gegevens in een databank tot multimediale optredens en films.
Ik verwacht ook een opbloei van amateurwetenschap. Niet alleen omdat er zo veel data is dat de onderzoekers het niet meer aankunnen - zoals bij het ontdekken van sterren en planeten - maar ook omdat onderzoeksinstrumenten via het web kunnen worden gebruikt. Wetenschappelijke instituten moeten zich gaan instellen op het leggen van verbindingen met een groeiende massa zeer goed geïnformeerde amateurwetenschappers.
Ten slotte zal de wetenschappelijke gemeenschap veranderen. Nu is er zeker in Nederland een flink gebrek aan diversiteit in de wetenschap. De top is nog te veel een blank mannenbolwerk. Ik denk dat het vrijwel onvermijdelijk is dat vrouwen een grotere rol zullen spelen. En cultureel zal het wetenschappelijke leven diverser worden omdat onderzoekers met verschillende achtergronden in teams samenwerken. Dat zal de stijl van wetenschap veranderen: de wijze van werken, de vragen die worden gesteld en de manier van samenwerking.'
Bron: Vrij Nederland, 28 maart 2009
Voeg een reactie toe